De strijd om de wereldtitel in 1935 tegen Aljechin begint voor Euwe rampzalig. Na negen partijen leidt Aljechin met 6-3. De legendarische oud-wereldkampioen Emanuel Lasker blijft als een van de weinige commentatoren in de kansen van Euwe geloven. Maar er zijn geen audiofragmenten bewaard gebleven van een radio-interview met Lasker bij de VARA, op 23 oktober 1935, één dag voor de tiende partij. Ook een transcriptie van het vraaggesprek ontbreekt, tot voor kort. In de zomer van 2026 duikt de uitgeschreven tekst op, zorgvuldig gebundeld in een donkerbruine multomap. Ruim negentig jaar later, een godswonder. Zeventien pagina´s in het handschrift van dr. Lasker. De vindplaats is de Neuweg in Hilversum. Het is niet de hand van God, maar de hand van Gabri die Lasker hier redt uit de muil van een container, enkele dagen voordat de inhoud ten prooi zou vallen aan de afvalverwerking.
Lees hier het verhaal over de ontdekking van een uniek stukje schaakgeschiedenis, met een dankwoord van Lasker aan de interviewer, VARA-redacteur Eli Bomli. ,,Verehrter Herr Bomli, es war ein richtige Plauderei”. O ja, Lasker krijgt nog gelijk ook: Euwe wint de zinderende mondiale titelstrijd in 1935 na dertig partijen met 15,5-14,5. Zijn triomf maakt Nederland schaakgek. De ledenadministratie van de KNSB raakt overbelast: in korte tijd melden zich 20.000 nieuwe leden aan.
De hand van Gabri redt Lasker uit afvalcontainer

Laten we beginnen met een feitelijke beschrijving van de gelukkige vondst in de container. De hand van Gabri stuit in de zomer van 2026 op een donkerbruine multomap die hij uit de container vist. Aan de buitenkant is geen enkele verwijzing te zien naar de inhoud, wel een merknaam: Esveha multo. De 18 mm ringband houdt zestien plastic hoezen bijeen.
Zeven hoezen met de uitgetypte Nederlandse vertaling. Het papier (A4-formaat) is sterk vergeeld, maar de tekst is goed leesbaar. Enkele pagina’s tonen roestige afdrukken van eerder gebruikte paperclips. Op de laatste pagina staat afsluitend:
T.
21-10’35.
Op de achterkant van de zevende en laatste getypte pagina staat, vermoedelijk het handschrift van Bomli: “Handschrift Interview met Emanuel Lasker en Ned. Vertaling, Gehouden 23 Oct. 1935. Voor de VARA-micr.”


Maar er zijn ook negen hoezen met de handgeschreven tekst van Lasker in het Duits, in blauwe inkt. Per hoes twee velletjes van een notitieblok, op de foto pagina 9 en 10. De laatste hoes bevat één vel, met paginanummer 17. Onderaan schrijft Lasker in zwarte inkt zijn dankwoord aan de interviewer: Elias Johannes (Eli) Bomli.
Het handschrift in deze mappen komt overeen met een handschrift zoals te vinden is op de website van schaakhistoricus Edward Winter, www.chesshistory.com, zoals te zien is in onderstaande afbeelding. Vooral de schrijfwijze van de kleine letter “d” valt op.
Emanuel Lasker is een Duits wiskundige en schaker, hij leeft van 1868 – 1941. Hij is wereldkampioen schaken van 1894 – 1921. Een heerschappij van 27 jaar, ongeëvenaard in de geschiedenis van het wereldkampioenschap schaken. Lasker stamt uit een joodse familie. Hij ontvlucht Duitsland wegens het opkomende nazisme. Verblijft periodes in Nederland, Engeland, Sovjet-Unie en de Verenigde Staten waar hij in 1941 overlijdt. Tijdens zijn verblijf in Nederland leert hij de Nederlandse taal spreken. Het interview voor de VARA-microfoon in 1935 is in het Nederlands. In 2008 verschijnt het in alle opzichten gewichtige boek (meer dan 1.000 pagina’s, 4,5 kilo zwaar, in het Duits) ‘Emanuel Lasker, Denker, Wereldburger, Wereldkampioen schaken’, waaraan 25 auteurs uit verschillende landen meewerken.

Eli Bomli leeft van 1897 tot 1970. Jan Jaap Kassies (Muziekschatten) noemt hem in 2020 ‘Een vergeten radiopionier’. Bomli treedt in 1930 in dienst bij de VARA als assistent-redacteur en klimt snel op tot programmaleider. Hij speelt viool en is schaakliefhebber. Hij is de oom – en nu komen we bij de laatste puzzelstukjes van de containervondst – van Peter Bomli, trouw lid van het Hilversums Schaak Genootschap (HSG), oud-bestuurslid en erelid van de club. Peter Bomli overlijdt eind april 2026, op 95-jarige leeftijd. Bijna tachtig jaar was hij lid van HSG. Hij heeft geen nabestaanden. Buren dragen zorg voor de afwikkeling, begrafenis, leeghalen woning.

HSG-schaker Gabri van de Schootbrugge, al decennia lang steun en toeverlaat van de club, krijgt in de zomer van 2026 een tip over de uitgebreide (schaak)boekenverzameling van Peter Bomli. De meeste hiervan vinden gelukkig een goede bestemming. Gabri begeeft zich toch naar de woning, er is misschien nog meer. Hij is te laat. Alles is inmiddels weg, of ….., bevindt zich in de container die nu nog buiten staat, zo krijgt hij te horen, hooguit nog een paar dagen. Hier vindt hij een berg papieren, HSG-stukken en krantenknipsels die wellicht nog iets kunnen toevoegen aan de clubgeschiedenis. Dan valt zijn oog op een donkerbruin stuk plastic. Even later opent hij de multomap die na de dood van Eli Bomli verhuist naar neef Peter Bomli. Gabri bladert door de map en beseft: this is huge.
Het oordeel over de historische betekenis van de vondst laten we graag aan de echte geschiedschrijvers over. Maar het hoeft verder geen betoog dat de vondst van zeventien handgeschreven pagina’s van Lasker plus de transcriptie van het interview heel bijzonder en waardevol is. De vraag is nog hoe het interview precies tot stand komt. De inhoud van de magische multomap lijkt te verraden dat Lasker zelf de vragen aan Herr Doktor bedenkt, beantwoordt en opschrijft, waarna op 21 oktober 1935 de Nederlandse vertaling via de VARA beschikbaar komt. In dat geval is het voorgekookte studiogesprek een toneelstukje, qua vorm eerder eine richtige Betrügerei…

Niettemin, hoewel lang geleden, de wereldtitel van Euwe in 1935 staat nog steeds volop in de belangstelling. Daarvan getuigt ook het nieuwe boek van eerder dit jaar: ‘Max Euwe wereldkampioen!’ van Paul van der Sterren en Erwin l’Ami. Zij rekenen hierin af met het beeld van Euwe, de bescheiden wiskundeleraar, die als een eendagsvlieg in 1935 min of meer toevallig wereldkampioen wordt. Euwe, zo benadrukken de auteurs, behoort in de jaren dertig van de vorige eeuw structureel tot de wereldtop. Daar doet ook zijn nederlaag in de revanchematch tegen Aljechin in 1937 niets aan af.
Als we een sprongetje mogen maken naar 2035, honderd jaar na Euwe’s sensationele greep naar de macht, dan zal de discussie over zijn prestaties vast een vervolg krijgen, waarbij de nu ontsluierde inzichten van Lasker wellicht van pas kunnen komen. Los daarvan, ook voor de schaakliefhebber van nu, levend in een geheel ander tijdsgewricht, kan Laskers psychologische visie op de stijl van de schaker leerzaam zijn. En vooral: heel leuk om te lezen.
Hier volgt de volledige tekst van het interview. Bij het overtypen heb ik zo weinig mogelijk veranderingen aangebracht, ook niet waar moderne spellingsregels anders voorschrijven. Met drie uitzonderingen:
- Nummering van de vragen, puur voor het gemak in verband met enige duiding.
- Correctie voorlaatste zin in vraag 3. De tekst in het origineel loopt uit de pas met de handgeschreven tekst in het Duits. Mijn verbetering geeft hopelijk correct weer zoals Lasker het bedoelt.
- Verbetering schrijfwijze van enkele namen die Lasker opsomt in vraag 14.
Lasker: ‘Het schaakspel is geen rekensom’
(Origineel: ‘Das Schach ist kein Rechenexempel’)
Tekst interview Bomli-Lasker, VARA-radio 23 oktober 1935
[B. is Eli Bomli; L. is Emanuel Lasker]
[Waar sprake is van ‘meesters’, valt dit te lezen als grootmeesters. De invoering van de officiële titel grootmeester door de FIDE dateert van 1950]

Vraag 1
B. De wijze, waarop de match Aljechin-Euwe begonnen is, heeft de gehele schaakwereld buitengewoon verrast. Zoudt U Uw mening daarover willen geven?
L. Met veel genoegen wil ik vanavond voor de mij zo goed bekende Nederlandse schaakwereld spreken. De oorzaken van het verloop en de verrassing, waarvan U spreekt, moeten gezocht worden in de stijl der beide meesters en hun psychologische gesteldheid.
Vraag 2
B. Daaromtrent zou ik graag wat naders van U willen horen. Wat verstaat U onder ‘stijl van het schaakspel’ en in hoeverre speelt de psychologische gesteldheid in een schaakpartij een rol?
L. Deze vraag is ten zeerste op haar plaats. Het is van belang, zich daaromtrent klaarheid te verschaffen. Schaak is geen rekenkundig vraagstuk. Over vele stellingen kan men slechts oordelen naar gelang van de smaak. Of deze of gene tactiek in overeenstemming met de stelling is, kan men niet zo nauwkeurig vaststellen, als dat tweemaal twee vier is. Vandaar, een strijd van meningen en vandaar ook, de bijzondere geaardheid der verschillende meesters. Deze persoonlijke geaardheid van meesters, die nieuwe vormen en gedachten brengen, heet stijl. Ieder scheppend meester heeft zijn eigen type.
Aljechin ontwikkelt een gloeiende fantasie. Met zijn gehele ziel stormt hij naar de aanval
Vraag 3
B. Goed! Kunt U ons niet een omschrijving geven van de stijl der beide tegenstanders: Euwe en Aljechin?
L. Jazeker, en wel aan de hand van hun ontwikkeling en hun prestaties. Zowel Aljechins als Euwe’s loopbaan heb ik meegemaakt. De jeugdige Aljechin, die in 1914 bij de tournooien in Petersburg en Mannheim de openbare schaakwereld betreedt, ontwikkelt een gloeiende fantasie. Met zijn gehele ziel stormt hij naar de aanval. Hij is een natuur, die het veracht, zich ondergeschikt te maken. Liever heldhaftig vechtend tenondergaan, dan zich moeizaam verdedigen. Toen kwam de bittere ervaring van de oorlog. Deze drijft hem er toe niet meer een heldendom te betrachten, doch leert hem naar zakelijkheid te streven. Dat betekent: bittere, moeizame arbeid. Hijzelf zegt, dat hij zich door mijn boek over het toernooi van Petersburg 1909 gevormd heeft.
Capablanca, de grote scheppende meester van het positiespel, oefent op Aljechin een machtige invloed uit. De na de oorlog optredende nieuwe romantiek slaat hem in zijn boeien. Zij overtuigt hem misschien niet , maar zij behaagt hem. Hij probeert alles, zowel het slechte als het goede, voor zoverre het eigen karakter bezit en hij behoudt het beste. Er volgen enige jaren, als Capablanca de scepter zwaait. Aljechin, als een goede jockey, die niet voor de beslissende eindspurt zijn laatste krachten op het spel zetten wil, laat Capablanca in de internationale tournooien enige jaren bijna onbetwist de leiding over.
Intussen bereidt hij zich voor, eindelijk biedt de vurig verlangde gelegenheid zich aan. Na zes jaar wachten en ernstige studie gaat hij naar Argentinië, verovert de harten der schaakvrienden in dit land door de glans en zijn veelzijdigheid van zijn stijl. Dan komt de match om het wereldkampioenschap in Buenos-Aires die een nieuwe Aljechin doet kennen. Capablanca wordt door hem verrast en verliest.
Dan begint de periode van zijn wereldkampioenschap. Hij bedwingt zijn oude tegenstander Bogoljubow tweemaal in de match, wint ontelbare tournooien, waarin hij zijn tegenstanders knock-out slaat. Thans staat hij tegenover Euwe. Zijn stijl is nog altijd die van de heroïsche strijder, die de moeizame verdediging verafschuwt. Echter door ernstige training en velerlei harde strijd is deze stijl geconsolideerd en gestaald. Het heroïsche aanvalstype bezwijkt gewoonlijk in een ongunstige positie, doch niet Aljechin. Hij is een gevaarlijk strijder in goede, als in slechte stellingen.
Euwe is de wiskunstenaar, die het grote complex op het schaakbord tot begrippen terugbrengt
Vraag 4
B. Wil dat nu zeggen, dat hij Euwe overtreft?
L. Laat ik je zeggen dat Euwe voor deze stijl niet bang hoeft te zijn. Ik heb reeds in 1921 Euwe een grote toekomst voorspeld. Inderdaad is Euwe in de veertien jaren, die aan deze match voorafgingen, in evenwicht gebleven. Euwe is de wiskunstenaar, die het grote complex op het schaakbord tot begrippen terugbrengt. En met begrippen weet hij voortreffelijk om te gaan.
Vraag 5
B. Dit is toch eigenlijk het ideale voor de beheersing van het schaakspel.!
L. Volkomen juist! En daarom overtreft in het wezen der zaak Euwe zijn tegenstander dan ook. Aljechin is de vechter, Euwe de geleerde en de kunstenaar. De in harde beproevingen gestaalde vechter, die zijn gloeiende fantasie volgt, zou voor de aesthetisch voelende geleerde het onderspit moeten delven, wanneer de geleerde volmaakt zou zijn. Maar natuurlijk is geen mens volmaakt. En dat geeft Aljechin de gelegenheid.
Vraag 6
B. Herr Doctor, wilt U kort en bondig zeggen, wie naar Uw mening beter is?
L. Bij een zet per dag Euwe, bij vier minuten bedenktijd Aljechin.
Vraag 7
B. Men kan echter niet een hele dag voor een zet doen, want dan zou de match tien jaar duren.
L. Ja, het leven is te kort, om met gedachten alleen een schaakmatch uit te vechten. Snelheid en kracht om een besluit te nemen, spreken dan een woordje mee. Schaak blijft onzeker, dat wil zeggen, men moet proberen inplaats van studeren, men moet wagen inplaats van zorgvuldig te wegen. De vechter tracht de zwakke plekken van zijn tegenstander uit te vinden, om zijn taak te vergemakkelijken en zal hem daar aanvallen.
Vraag 8
B. Dat doet toch iedere meester volgens de beginselen van Steinitz?
L. Jawel, doch dan overgebracht naar het terrein van de psychologie. Ik bedoel dat niet voor de schaakstelling, doch voor het karakter, dus de psychologische wereld.
Vraag 9
B. Men brengt zijn tegenstander dus uit zijn psychologisch evenwicht?
L. Ja, maar natuurlijk niet met unfaire of ontoelaatbare middelen, doch door de kracht van de verrassing, die in de zetten steekt. De stijl van de tegenstander heeft een zwakke plek, een Achilleshiel. Dit moet de meester, die zich met de stijl van zijn tegenstander vertrouwd gemaakt heeft, uitvoeren of meer nog raden. De stijlzwakten moet hij aangrijpen, door een stelling op te bouwen, die de tegenstander voor vraagtekens stelt, welke bij diens stijl niet passen. En daarin is Aljechin een groot meester en baanbreker. Zou hij aan een universiteit over dit terrein der psychologie college geven, dan zou hij veel nieuws weten te zeggen, dat voor de wetenschap van betekenis zou zijn.
Euwe voelt zich onbehaaglijk door de sterke schaakbeweeglijkheid van Aljechin
Vraag 10
B. Wat zijn, om in Uw beeldspraak te blijven, naar Uw mening de Achillespezen van Euwe en van Aljechin?
L. Het is de verdienste van deze match, ten opzichte hiervan, enige opheldering te geven. De schaakwereld is daarvoor Nederland veel dank verschuldigd. Euwe is niet goed getraind. Bij de korte bedenktijd, die per zet vastgesteld is, voelt Euwe zich onbehaaglijk door de sterke schaakbeweeglijkheid van Aljechin. Daarentegen overtreft hij Aljechin, wanneer de stelling een langzaam methodische ontwikkeling toelaat. Het publiek volgt in de gehele wereld de match met spanning, omdat het instinctief deze tegenstelling bespeurt.
Vraag 11
B. Hebt U zich een denkbeeld van gevormd, hoe het verloop van deze match zal kunnen zijn?
L. Alles hangt daarvan af, of Euwe zich bevrijdt van de psychologische druk die de door hem gemaakte fouten verwekt hebben, en of hij zijn groter methodisch meesterschap zal kunnen doen gelden.
Hoe verder de match komt, hoe sterker Euwe zal gaan spelen
Vraag 12
B. Wat moet Euwe dan doen, om dit te verwezenlijken?
L. Ik zou hem de raad willen geven, bedenktijd te sparen, behalve in kritieke, spannende stellingen, en dan met zijn tijd niet zuinig te zijn. Hij heeft meermalen de fout begaan, niet toe te slaan, wanneer hem de gelegenheid tot de aanval of tot de winst van een belangrijke pion geboden werd. Vraagstukken zijn lang niet altijd duidelijk.
Men moet wagen, dat weet hij zo goed als ieder ander. Voorlopig echter heeft zijn zelfvertrouwen geleden en dat moet hij, het koste wat het kost, overwinnen. Hij zal het gemakkelijk overwinnen, wat slechts een kwestie van tijd is. Hoe verder de match komt, hoe sterker Euwe zal gaan spelen.
Vraag 13
B. Hoe zal dit het eindresultaat beïnvloeden?
L. Dat kan ik niet berekenen. Maar de schaakwereld, vooral de jonge meesters in Holland en alle andere landen, zullen van de partijen veel leren. Ikzelf ben hierin gezonden door de schaakvrienden in Moskou, die de partijen met grote ijver zullen bestuderen, overtuigd als ze zijn, dat zij aan de ontwikkeling van het schaakspel in hoge mate dienstbaar zijn.
Vraag 14
B. Zoudt U ons niet nog Uw mening willen zeggen over de toekomst van het schaakspel? Ik vraag dit in het bijzonder met het oog op de uitlatingen van Capablanca, enige weken voor dezelfde microfoon.
L. Ik schat Capablanca als scheppend meester zeer hoog. Ik geloof echter, dat hij de problematiek, die nog altijd in het schaakspel steekt, onderschat. Het schaakspel, zoals het in de duizenden jaren van zijn ontwikkeling geworden is, is te vast gegrondvest, om een radicale verandering van zijn spelregels nodig te hebben. De jeugd, ik noem Euwe, Flohr, Botwinnik, Alatortsev, Riumin, Reshevsky, Dake, Fine, Stahlberg – deze lijst heeft niet de pretentie, volledig te zijn – ziet nog vele vraagstukken, die oplossingen behoeven en is bezig, haar eigen stijl te vinden. De match Aljechin-Euwe is de toegangspoort tot een groot nieuw gebied, dat het oude schaakspel zich veroveren zal door de begeestering, die er voor de jeugd van uit gaat.
T.
21-10’35.
Duiding
Niet iedereen zal kennis paraat hebben over het verloop van de tweekamp van 1935. Daarom hier wat achtergrondinformatie: de tweekamp gaat over maximaal dertig partijen, te spelen in Nederlandse steden en plaatsen, met een centrale rol voor Amsterdam, waar de match op 3 oktober 1935 begint en op 15 december 1935 eindigt. Andere speelsteden/dorpen zijn: Den Haag, Rotterdam, Utrecht, Groningen, Haarlem, Leiden, Delft, Zwolle, Eindhoven, Den Bosch, Gouda, Ermelo, Baarn, Zeist en Zandvoort.

De tweekamp (bekijk de partijen via chessgames.com) kent een dramatisch begin voor Euwe die na negen partijen tegen een 6-3 achterstand aankijkt. Hierop doelen Bomli en Lasker – zonder de tussenstand te noemen – in de openingsvraag van het interview op woensdag 23 oktober 1935, een rustdag in de titelstrijd en één dag voor de tiende partij in Gouda. Commentator Tartakower die sappige verhalen niet schuwt geeft Euwe in de Telegraaf bij een achterstand van drie punten het volgende advies: ,,Eens een razende autorit maken, de zorgen van alledag vergeten, een blik slaan in het verlichte heelal, nieuwe frisse ideeën uit de weidse natuur putten, – dat is mijn recept.” (Euwe-biografie Alexander Münninghoff, blz. 173).
Misschien heeft Euwe toch meer aan het radiopraatje van Lasker. Luistert hij? Of iemand uit zijn entourage? We weten het niet, maar een zalvende werking van de inzichten van Lasker valt niet uit te sluiten als die een dag voor de tiende partij tot Euwe doordringen. Hoe het ook zij: de tiende partij gaat de boeken in als de dag waarop de tweekamp begint te kantelen. Euwe wint, verkleint de achterstand tot twee punten, er is weer hoop in NL.
Commentaar in de krant: ,,Laat ons vrolijk zijn: de strijd is – zoals dr. Lasker zojuist voor de microfoon heeft gezegd, geheel open!’ (Münninghoff, blz. 175). Dat lijkt een tikje overdreven bij een achterstand van nog steeds twee punten. Als cruciaal geldt dat Euwe Aljechin nu niet opnieuw sterk laat terugkomen met een overwinning, zoals eerder in de match. En dat gebeurt niet in de elfde partij. In de veertiende partij trekt Euwe de stand gelijk: 7-7 maar Aljechin loopt toch weer uit. Als tweederde van de strijd erop zit, slaat Euwe zijn slag, precies zoals Lasker het in het radiogesprek voorspelt: ,,Hoe verder de match komt, hoe sterker Euwe zal gaan spelen”. Vier overwinningen in de 20ste tot en met de 26ste partij brengen hem aan de leiding. Aljechin doet nog iets terug, maar met drie remises in de slotronden consolideert Euwe zijn voorsprong van een punt: Wereldkampioen!

Overzicht afkomstig van Edward Winter Chess Notes/Chessbase
Er zijn nauwelijks geluidsfragmenten bewaard gebleven omdat de technieken hiervoor toen nog niet voldoende ontwikkeld waren en bovendien zeer kostbaar.
Schaaktijdschriften van die tijd maken wel melding van de uitzendingen maar volledige transcripties ontbreken. Sinds kort geldt dat niet meer voor het interview met Lasker op 23 oktober 1935 dat hierbij op deze site digitaal beschikbaar komt voor geïnteresseerden en onderzoekers van de schaakgeschiedenis. Zie hieronder!
Originele PDF bestanden
PDF bestand handgeschreven door Emanuel Lasker
September, 2026
Wim van der Wijk mmv. Pascal Losekoot
Een later commentaar van Emanuel Lasker over de match Euwe-Aljechin (KRO, 5 november 1935) is wel bewaard gebleven en te beluisteren via onderstaande Youtube video.

